De afvoer was kapot. Het zal er aan te komen, het water liep al dagen steeds langzamer weg. Ik had zelfs reeds soda aangeschaft, tezamen met het voornemen die door de leidingen te spoelen met heet water. Maar het was er niet van gekomen. En nu was het ook meteen beurt: het water ging geen kant op.

Ik keek naar links, waar normaal mijn man zat, maar nu niet meer want we zijn al een half jaar gescheiden. Na wat schoonmaakspullen heen en weer geschoven te hebben in het gootsteenkastje – nu paste de emmer er tenminste onder – belde ik een loodgieter.

‘Vandaag?’ lachte die. ‘Nee, mevrouw, u heeft geluk als het deze week nog lukt.’ Ik keek op de kalender. Dinsdag.

‘Maar hij loopt echt niet door,’ piepte ik nog. Het mocht niet baten. 

Woensdag kwam en ik belde toch de loodgieter nog een keer. Hij had zijn boodschap echter niet aangepast. In een vlaag van recalcitrantie vertelde ik hem dat als het zo moest, het al niet meer hoefde. Het deed ‘m weinig.

Kribbig belde ik vier andere loodgieters, die allemaal een zo mogelijk nog somberder vooruitzicht schetsten. Deze maand zou al een meevaller zijn. Ik keek op de kalender. De 21ste.

Loodgieter 1 bleek gelukkig zeer coulant en zette mij terug op zijn lijstje. Het werd nu wel echt pas volgende week. 

Op donderdag probeerde ik Google en toog met zijn (haar?) adviezen naar de Karwei. Op goed geluk kocht ik een waterpomptang, die bij thuiskomst nét bleek te passen. De zwanenhals kwam best soepel los, het water viel keurig in de emmer en het viel mee, qua goorheid. Tevreden plaatste ik het hele handeltje terug, schroefde een en ander dicht en draaide de hete kraan open. Er klonk een wat kolkend geluid en de wasbak liep weer vrolijk vol. 

De zwanenhals kwam gelukkig veel makkelijker los nu, de emmer vulde zich weer gretig en ik gaf het verder op. Na de afwas in de machine gesmeten te hebben zette ik het ding aan en vertrok naar kantoor, want er moest ook geld verdiend worden.

Midden in de vergadering belde mijn oudste. Er had zich een beekje in de keuken gevormd. Was dat de bedoeling? 

Ik schreeuwde dat ze de vaatwasser uit moest zetten en rende de vergaderzaal uit. 

Woedend belde ik Ex om beklag te doen over mijn kutleven. Dat bleek een gouden greep, want hij zat net met Julian in de auto, en Julian is heel handig met vanalles en nog wat. Ze zouden vanavond ergens wel even langskomen. 

Net toen ik de pizzadozen aan het opruimen was (want ik kan niet koken zonder afvoer) ging de bel. Hoera! Nu zou alles opgelost worden. Julian hoefde geen koffie, kroop kordaat onder de gootsteen en mompelde iets zorgelijks over de vreemde constructie van de afvoerbuizen. Uit zijn bus haalde hij een lange metalen slang en propte die in een buis. Helse luchten dreven mijn keuken in, maar dat hoorde er bij volgens Julian. De buizen werden teruggeschroefd, de kraan ging aan en Julian en Ex wisselden triomfantelijk blikken uit. 

Tot het kolkende geluid, enz. enz.

Leuk weetje: doe-het-zelf-zaken zijn ‘s avonds gewoon tot 9 uur open. Ik moest daarvoor wel naar Amersfoort, maar ach, dat is praktisch om de hoek. En omdat de autoradio kapot is, was het een lekker rustig ritje.

Maar, met de nieuw aangeschafte tien meter slang lukte het helaas ook niet. Om 11 uur smeet Julian zijn pet op de grond, en attendeerde me op de rioolservice. Ik stuurde direct een aanvraag via de website.

De volgende ochtend ging de deurbel al om 8 uur. Ex stond in de keuken broodjes te smeren, want de kinderen waren gisteren maar bij mij blijven slapen hoewel het eigenlijk zijn dag was. Het bleken twee mannen met een ladder te zijn, en Ex begon uitvoerig de stand van zaken rondom de afvoer toe te lichten. 

De mannen wilden wel koffie, maar kwamen eigenlijk voor de zonwering, die ook kapot was.

Telefonisch wees de meneer van de rioolservice mij er fijntjes op dat ik al een aanvraag per mail had gestuurd. Als ik héél veel geluk had, zou hij misschien morgen kunnen komen.

Ik had geluk. Zaterdag ging de bel rond een uur of 10. De rioolservicemeneer verdween ietwat zuchtend en steunend onder de gootsteen, maar raakte voor de verandering niet in paniek. Hij bleek ook een ontstoppingsveer te hebben, hoewel deze automatisch was, dus er was ruimte om even te zitten. Drie koppen koffie en twee levensverhalen verder klonk er een nieuw geluid. De afvoer liep weer door! Ik zweer dat ik een hallelujakoor op de achtergrond hoorde.

De rioolservicemeneer, die mijn wallen en algehele aura van paniek van eerder blijkbaar had geregistreerd, klopte bemoedigend op mijn hand. Het zou nu allemaal goedkomen.

Ik geloofde hem.

Één reactie op “Afvoer”

  1. heerlijk en zeer vermakelijk ❤️

    Geliked door 1 persoon

Plaats een reactie