Leuk hoor, Hemelvaartsdag, maar aangezien de scholen gemakshalve ook op vrijdag dichtblijven, zie je je als ouder geconfronteerd met heel wat nader in te vullen vrije tijd.
Gelukkig werd er op lokaal niveau allerhande vermaak georganiseerd, zodat we ieder geval een paar dagen vooruit konden. De ambachtenmarkt op Hemelvaart werd echter direct in de kiem gesmoord door de buikgriep van de oudste.
Vrijdag ging het gelukkig iets beter en probeerden we een dagje kermis. Dit bleek een deceptie: ik dacht altijd dat ik niet verslavingsgevoelig was, maar heb zonder te knipperen een astronomisch bedrag stukgeslagen op een grijpmachine, waar je voor 1 euro per poging een capibara knuffel kon proberen te bemachtigen. Ik heb niks met capibara’s, en eigenlijk ook niet met speelgoedknuffels, maar ik moest en zou het kreng hebben. Natuurlijk was het beest veel te zwaar voor het fragiele grijpertje, want zo worden die kermisexploitanten miljonair. Na ontelbare pogingen trokken mijn kinderen mij weg bij het apparaat (‘Kom nou maar, mama’), waarbij de medelijdende en soms oordelende blikken van andere ouders me helaas niet ontgingen. Het leek wel een Amerikaanse B-film.
Lang kon ik er niet bij stilstaan, want we moesten nog in allerhande attracties. Na links- en rechtsom gehusseld te zijn konden we allemaal kotsmisselijk naar huis.
Zaterdag wilde het kroost wéér naar de kermis, maar aangezien de misselijkheid nog niet weg was en mijn portemonnee dit ook niet kon lijden, opperde ik een dagje Utrecht. Daar kan je namelijk leuk met de trein heen, je ziet nog es wat van de wereld, en er is een LEGO winkel. Ik legde het traditioneel Hollands ‘kijken, kijken, niet kopen’ uit en we gingen op weg.
Het ging wonderbaarlijk goed, mede doordat wij nooit winkelen en mijn kinderen dat concept dus niet snappen. Maar, aangezien we er toch waren, leek dit het moment ze de grondbeginselen van het shoppen bij te brengen. Dus nam ik ze een willekeurige kledingzaak mee in, trok voor elk wat kleding uit de kast en pakte zelf een rok die de paspop op lady Di deed lijken.
‘Luister,’ lichtte ik educatief toe, terwijl ik de rok in het pashokje aantrok, ‘je zegt dus: het staat je goed, als iemand er leuk uitziet in de kleren. En als niet, zeg dan: het doet niks voor je, in plaats van…’
‘Het ziet er niet uit,’ zei de jongste, mij in de rok beschouwend.
Tijd om naar huis te gaan.
Wat niet hielp, was dat mijn maag nog steeds wat moeilijk deed. ‘Het komt vast door de warmte,’ zei ik tegen de kinderen toen ik even op een bankje moest zitten.
‘Of het is mijn buikgriep,’ zei de oudste nuchter.
Drie keer raden…


Plaats een reactie