Binnen de familie werd gemord over het uitblijven van deze blogjes. Ik had natuurlijk al een waslijst aan excuses klaarliggen: druk met werk, opleiding, leuke dingen en het schrijven van columns voor de Veren&Vachten. Echter, ondanks legitieme argumenten, wisten we natuurlijk allemaal wat de echte boosdoener was: mijn ontbrekende ruggengraat.

De band met mijn ruggengraat is eigenlijk een soort zeemansrelatie: hij is soms maanden weg, met minimaal contact, en komt dan ineens weer opduiken zonder dat ik erop voorbereid ben. En net als ik er een beetje aan begin te wennen, en de toegevoegde waarde ervan ervaar, is ie weer voor onbepaalde tijd verdwenen.

Ik weet niet zeker of dit fenomeen erfelijk is, in ieder geval zie ik het niet in gelijke mate terug in een van mijn ouders, noch in mijn broers. De andere kant op gaat het echter wel faliekant mis, daar ik het door een vreemde speling in het lot driewerf doorgegeven lijk te hebben aan mijn kinderen.

Dit alles geïllustreerd door ons laatste hardloopavontuur. Hardlopen is iets dat ik al jaren wil. Of liever, niet wil maar vind dat ik moet willen. Het is er nooit van gekomen, maar laatst ontdekte ik wel een instapvariant, in de vorm van een Japanse wandeltrend. Ik deed dit uit de doeken bij de dochters, die collectief geschokt reageerden (“Mam, serieus”). Het alternatief hardlopen kwam vrij snel op tafel, en de dames boden zelfs aan om mee te gaan (achteraf gezien waarschijnlijk om te voorkomen dat ik toch Japans ging snelwandelen).

Een uur later stonden we in het bos, allemaal in sportkleding, goed gelaafd en licht gevoederd. We hadden zelfs een ondersteunend hardloopschema, opbouwend naar 5 kilometer (ik wilde de lat niet onnodig hoog leggen).

Het enthousiasme was voelbaar, de hond danste opgetogen om ons heen en de zon brak spontaan door. Het hardlopen zelf ging super, de condities vielen best mee en de toegesnelde endorfines leidden tot euforische gevoelens.

En nu zijn we vijf weken verder, een periode waarin de een na de ander afhaakte totdat ik in mijn eentje overbleef (dat dan wel weer), wat het vertreksignaal voor de ruggengraat was. De hardloopschoenen liggen te verstoffen in de gangkast, de kinderen hangen op de bank en de hond kijkt ons verwijtend aan vanuit haar mand. Het laatste restje ruggenmerg dreef mij ertoe dan in vredesnaam de laptop maar open te klappen, om iets zinnigs gedaan te hebben.

Nu maar hopen dat het de ruggengraat terug doet keren.

Plaats een reactie